Activiteiten voor alle leerlingen
De mentor speelt in de begeleiding en ondersteuning van de leerlingen een centrale rol. De mentor is het eerste aanspreekpunt voor jou en je ouders/verzorgers. Hij/zij adviseert en helpt je zoveel mogelijk bij allerlei vraagstukken en heeft ook contact met collega-vakleraren. Heb je een vraag of zit je ergens mee? Bespreek dit dan met je mentor. Je mentor kan je daarbij helpen, houdt in de gaten hoe het met je gaat (persoonlijk en studieverloop), coacht je bij het maken van keuzes en ondersteunt je bij de loopbaanoriëntatie.
Bij het Zwijsen College zetten we in op goede ondersteuning en begeleiding. Een paar voorbeelden van activiteiten die hieraan bijdragen:
- Alle leerlingen in onze brugklas krijgen de weerbaarheidstraining Rots en Water. Met deze oefeningen leer je luisteren, voor jezelf opkomen, oplossingen zoeken, grenzen aangeven en respectvol omgaan met anderen.
- Alle leerlingen kunnen meedoen aan het tutorproject. Dat is een wekelijkse begeleiding waarbij leerlingen uit verschillende jaarlagen elkaar helpen. De begeleidende leerling (tutor) kan een andere leerling (tutee) helpen op het gebied van huiswerk plannen, leren leren, voorbereiden op proefwerken of een proefwerkweek en/of begeleiding geven in één of meerdere vakken.
- Door middel van een Zwijsen Agenda, een fysieke agenda, leren leerlingen de vaardigheid ‘plannen’. Op die manier word je zelf verantwoordelijk voor je eigen leerproces en het plannen van het huiswerk.
- Alle leerlingen uit klas twee volgen ‘Over de Streep’. Aan de hand van stellingen doen leerlingen een stap naar voren als dat voor hen geldt. Zo leren zij elkaar beter kennen, wat bijdraagt aan een fijne sfeer in de klas. Wij krijgen hierdoor meer informatie, waardoor we de begeleiding beter op de leerlingen kunnen afstemmen.
- Diverse initiatieven om pesten tegen te gaan, zoals het opstellen van klassenregels in de mentorles.
Activiteiten voor leerlingen die dat nodig hebben
We hebben ook aanbod voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. Je mentor kan inschatten of dit nodig is. Een paar voorbeelden:
- VO GO: voor brugklasleerlingen die moeite hebben met de overstap van het basisonderwijs naar de middelbare school. Ze komen regelmatig met een kleine groep samen voor extra begeleiding en om samen te wennen aan de nieuwe school. Ze krijgen tools aangereikt en praktische informatie.
- Verrijkend leren: een apart programma voor leerlingen die hoog- of meerbegaafd zijn.
- Sociale vaardigheidstraining en faalangstreductie-trainingen
- Dyslexiebegeleiding
- Lokaal 2.02 Time-Out voorziening: hier kunnen leerlingen naartoe als zij een prikkelarme omgeving nodig hebben of vastlopen in de les. Daar zit een begeleider van ONZ.
Extra individuele ondersteuning
Soms is er extra ondersteuningsbehoefte nodig. Je mentor kan je dan verwijzen naar ONZ. Binnen dit team zijn medewerkers werkzaam vanuit verschillende disciplines, zoals de ondersteuningscoördinator, gedragswetenschapper, pedagoog en leerlingbegeleider. Ook werkt ONZ nauw samen met diverse ketenpartners, zoals het samenwerkingsverband, de jeugdarts vanuit de GGD, een jeugdprofessional van het Basisteam Jeugd en Gezin, jongerenwerkers en de leerplichtambtenaar.
Op het moment dat een leerling zich aanmeldt op het Zwijsen College, wordt er zorgvuldig bekeken wat de ondersteuningsbehoeften van de leerling zijn. Hierbij worden de leerling, ouders/verzorgers en de school van herkomst betrokken. Er wordt vervolgens samen bekeken welke vorm van ondersteuning het beste aansluit op de ondersteuningsbehoeften. Ook wanneer gedurende het lopende schooljaar naar voren komt dat er extra ondersteuning nodig is, wordt in gezamenlijk overleg besproken wat het best passend is.